Onderzoek naar lood bij Hoeksche Waardse speeltuinen

172

HOEKSCHE WAARD – Gewapend met grondboren en meetapparatuur gingen ze maandagochtend in Oud-Beijerland aan de slag: de bodemexperts van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid. Ze doen onderzoek naar lood in de grond bij speelplaatsen. Op meerdere plekken in de Hoeksche Waard wordt deze controle gedaan.

Er zit in Nederland op veel plekken lood in de grond. “Zelfs de Romeinen maakten er al gebruik van”, legt projectleider Sander Jansen van de Omgevingsdienst uit. “En lood heeft als eigenschap dat het blijft zitten. Het spoelt niet weg, het breekt niet af, maar het hoopt zich op.”

Uit onderzoek van het RIVM is gebleken dat lood schadelijker is voor kinderen dan voorheen gedacht. Ook de GGD onderschrijft dit. Het kan bij de inname schade toebrengen aan de ontwikkeling van de hersenen. Vooral bij jonge kinderen kan dit tot een verlies van enkele IQ-punten leiden.

Mond

Het risico zit hem er bij speelplaatsen vooral in dat kinderen soms de neiging hebben om vieze vingers in hun mond te steken. “Het is schadelijk als je lood binnenkrijgt, dus niet als je erop loopt of zit. Het onderzoek richt zich dan ook op speeltuintjes waarbij contact met de grond mogelijk is, dus waar geen tegels liggen.”

Het onderzoek vindt niet alleen in de Hoeksche Waard plaats, maar in de hele provincie Zuid-Holland. De resultaten worden later dit jaar verwacht. Toch kan er door het gebruik van nieuwe apparatuur wel direct worden ingegrepen als het loodgehalte te hoog is.

Verhardingslaag

“We zien binnen een minuut na de meting hoe hoog het gehalte aan lood is. En als het nodig is, kunnen we snel schakelen en de provincie en gemeente informeren. Een mogelijke oplossing is dan alsnog een verhardingslaag aanleggen. Maar tot nu toe is dat nog niet nodig geweest”, aldus Jansen.

De GGD geeft het advies om kinderen altijd hun handen te laten wassen na het buiten spelen.